Nieuwsbrief
PatiëntArts

Ziekten van de hoofdhuid:

Inleiding

De beharing van de schedel heeft zowel een cosmetische als een functionele betekenis.

 
 
Schedelbeharing beschermt de schedel tegen de schadelijke effecten van de ultraviolette stralen van de zon.
 
Dit wordt geïllustreerd door het feit dat mannelijk haarverlies (androgenetische alopecie) het risico vergroot op de ontwikkeling van premaligne veranderingen in de vorm van actinische keratosen en maligne tumoren in de vorm van basocellulaire carcinomen en in zeldzamere gevallen planocellulaire carcinomen op het niet behaarde deel van de schedel.

Haargroei verloopt cyclisch
90% van de 100.000 haarfollikels van de schedel bevinden zich in de groeifase (anageen), de rest is in de rustfase (telogeen) of de overgangsfase (katageen). In de rustfase verandert de haarconfiguratie en krijgt deze een 'knotsvormig' uiterlijk, het haar beweegt zich naar het oppervlak, om uiteindelijk te worden afgestoten.

De haarcyclus duurt 1000 dagen en normaal gesproken verliest een mens 100 haren per dag.
De groeicyclus kan beïnvloed worden door een reeks factoren met toegenomen haarverlies tot gevolg, hetzij doordat meer haren in de rustfase terechtkomen (telogeen defluvium), hetzij doordat de haargroei in de groeifase stopt (anageen defluvium).